Plaatsingsdatum: 07 februari 2020
Verloskundigen geven voorlichting over anticonceptie en counselen vrouwen over welke anticonceptie bij hen past in de betreffende fase van hun leven. De verloskundige kan vervolgens de gekozen anticonceptie voorschrijven.
en deel van de verloskundigen heeft zich gespecialiseerd in het plaatsen van spiralen en implantatiestaafjes. Verloskundigen zijn hiertoe bevoegd en bekwamen zich hiervoor om de kwaliteit te waarborgen. Door je aan te melden voor de aantekening Anticonceptie in het Kwaliteitsregister Verloskundigen geef je aan dat je aan bekwaam te zijn in de differentiatie Anticonceptie. Voor deze aantekening gelden toelatingseisen.
-
Anticonceptie (NHG-standaard)
In mei 2020 is de NHG-standaard anticonceptie verschenen met medewerking van onder andere de KNOV. Deze richtlijn geeft een uitgebreide beschrijving over de werking van de verschillende soorten anticonceptie op basis van onderzoek. Deze geeft een uitgebreide beschrijving over de werking van de verschillende soorten anticonceptie op basis van onderzoek en biedt verschillende keuzetabellen die je kunnen ondersteunen tijdens het counselingsgesprek. Daarnaast hieronder een aantal handige links:
Handreiking Echografie bij plaatsing en nacontrole IUD - KNOV
Bijlage NHG-standaard: Overzicht combinatiepreparaten 2021
NHG-Standaard: overzicht alle methoden
Procedure plaatsing en verwijdering implantatiestaafje
Procedure plaatsing spiraal -
Verreiste scholing
De vereiste scholing voor anticeptie vind je op de website van het Kwaliteitsregister Verloskundigen.
-
Registratieformulier
Registratie van de voorgeschreven anticonceptie is een verplichting vanuit de inspectie. Dit betekent dat verloskundigen zelf moeten bijhouden welke anticonceptie ze hebben voorgeschreven en aan wie. Hier vind je een voorbeeld hoe je deze registratie vorm kan geven. Dit kan soms ook via je verloskundig informatiesysteem.
-
Elektronisch voorschrijven
Vanwege de patiëntveiligheid heeft de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd het elektronisch voorschrijven verplicht gesteld. Deze verplichting geldt (nog) niet voor verloskundigen, maar als verloskundige ben je wel verplicht om een prospectieve risicoanalyse uit te voeren. In de handreiking Elektronisch voorschrijven anticonceptie vind je informatie over het veilig voorschrijven van anticonceptiemiddelen en andere geneesmiddelen.
-
Gedragscode geneesmiddelenreclame
Door de bevoegdheid om geneesmiddelen voor te mogen schrijven, kun je benaderd worden door de farmaceutische industrie. Hoe je hier transparant en integer mee om kunt gaan lees je op het transparantieregister.
-
Toetredingskader medische hulpmiddelen
Wanneer er een nieuw koperspiraal op de markt komt, doorlopen onafhankelijke experts op het gebied van Anticonceptie en Reproductie, met ondersteuning van een wetenschappelijk adviseur, het toetsingskader. Op basis van deze toetsing komen zij tot een dringend advies voor toepassing van het medisch hulpmiddel in de praktijk. Zo wordt duidelijk welke medische hulpmiddelen aan het toetsingskader voldoen en wordt de veiligheid van nieuwe implantaten beter geborgd.
De KNOV adviseert verloskundigen om alleen nieuwe koperspiralen te plaatsen die getoetst zijn aan de hand van het toetsingskader ‘Medische hulpmiddelen -Implantaten’.
Koperspiraal Ballerine
Het toetsingskader is als eerste toegepast op de bolvormige koperspiraal (op de Nederlandse markt verkrijgbaar onder merknaam: IUB Ballerine). De toenmalige commissie Anticonceptie en Reproductie heeft na deze toetsing het advies geformuleerd de bolvormige koperspiraal niet voor te schrijven. De KNOV volgt de NHG standaard Anticonceptie waarin de 1e voorkeur gegeven wordt aan een T-vormig spiraal of een hoefijzervormige spiraal.
Lees hierover meer in dit nieuwsbericht.
-
Waar kan ik bijwerkingen melden?
Eventuele complicaties en bijwerkingen van implantaten, zoals koperhoudende spiralen dienen altijd gemeld te worden bij het MEBI (Meldpunt & Expertisecentrum Bijwerkingen Implantaten). Eventuele bijwerkingen van hormoonspiralen of hormoonimplantaten en medicijnen in het algemeen meldt je bij het Lareb.
-
Wat is een preferentiebeleid?
Preferentiebeleid betekent letterlijk voorkeursbeleid. Bij gebruik van geneesmiddelen heeft de zorgverzekeraar een voorkeur voor geneesmiddelen met een gunstigere prijs (voor de zorgverzekeraar). Wanneer een patent/octrooi verloopt kunnen er meerdere aanbieders komen van een identiek geneesmiddel (de zogenaamde generieke geneesmiddelen) die vaak lager geprijsd zijn dan het origineel. Het beleid van de meeste zorgverzekeraars is dan ook om het, op dat moment goedkoopste label van een geneesmiddel aan te wijzen als preferent middel en ook alleen het geneesmiddel van dat label te vergoeden vanuit de basisverzekering. Dit is ook als zodanig vermeld in de verzekeringspolis van de verzekeringnemer. Doel van het preferentiebeleid is om prijsconcurrentie te laten ontstaan. Hierdoor kan op de kosten van deze geneesmiddelen worden bespaard. Lees hier meer.
Levosert
Op dit moment voert VGZ een versoepeld voorkeursbeleid voor de hormoonspiraal Levosert. Voor meer informatie kun je de veelgestelde vragen en antwoorden van VGZ bekijken.
-
Samenwerking zorgverleners
Verloskundigen verlenen anticonceptiezorg aan vrouwen en hun partners volgens de aanbevelingen van de NHG-standaard ‘Anticonceptie’. In toenemende mate bieden verloskundigen, al dan niet in samenwerking met lokale huisartsen, anticonceptiezorg aan vrouwen die niet bij hen bekend zijn in verband met zwangerschap.
Verloskundigen informeren vrouwen en hun partners en adviseren hen desgewenst over anticonceptiemethoden. Na gedegen risicoselectie schrijven zij, desgewenst, (hormonale) anticonceptie voor en plaatsen zij een hormoon- of koperspiraal of implantatiestaafje. Bij vrouwen aan wie zij anticonceptie voorschrijven en bij wie zij een spiraal of implantatiestaafje plaatsen, verzorgen verloskundigen ook het eerste evaluatieconsult. Tevens draagt ze zorg voor een goede overdracht naar de huisarts waarin ten minste het volgende benoemd wordt:
-
Bijzonderheden uit de anamnese
-
Voorgeschreven anticonceptiemethode
-
Per wanneer de cliënt gestart is met anticonceptie
-
Indien relevant: wanneer de plaatsing van een spiraal of implantatiestaafje heeft plaatsgevonden, hoe deze is verlopen en eventuele bijzonderheden
-
Evaluatiemoment met cliënt is afgesproken
Opvragen aanvullende informatie
In het kader van deze anticonceptiezorg stellen verloskundigen zich op de hoogte van de algemene, obstetrische en familieanamnese, voor zover deze nog niet bekend is. Zo nodig vragen verloskundigen bij de huisarts aanvullende informatie op. Zij volgen daarbij de stappen van de prospectieve risicoanalyse van de richtlijn ‘Elektronisch voorschrijven’.
Wanneer doorverwijzen
Verloskundigen verwijzen door naar de huisarts wanneer zij niet bevoegd zijn voor het voorschrijven/plaatsen van de gewenste anticonceptiemethode en wanneer een zorgvraag buiten het deskundigheidsgebied van de verloskundige betreft.
Een goede overdracht
Het is belangrijk dat verloskundigen zorgdragen voor een goede overdracht naar de huisarts bij veranderingen in anticonceptiegebruik en indien relevant welke reden daartoe heeft geleid. Denk hierbij aan:
-
Wisselen van de anticonceptiemethode
-
Stoppen met de anticonceptiemethode
-
Verwijderen van een spiraal of implantatiestaafj
-