Als verloskundige merk je het steeds vaker: zorggegevens moeten digitaal uitgewisseld worden, er wordt verwacht dat je werkt met een viewer, en er komt steeds meer regelgeving op je af. Tegelijkertijd werkt de viewer in de praktijk nog niet optimaal. We ontvangen zelfs signalen dat sommige praktijken en VSV's overwegen om zelf een andere ICT-partij in te schakelen. De KNOV zet hieronder op een rij waar je wettelijk aan moet voldoen om gegevens digitaal uit te kunnen wisselen, welke afspraken en systemen dit mogelijk maken, waarom een eigen koers niet zomaar de oplossing is en welke ondersteuning je van de KNOV kan verwachten.
Waar moet je aan voldoen?
Zorgaanbieders zijn sinds 1 juli 2023 wettelijk verplicht om zorggegevens elektronisch uit te wisselen op grond van de Wegiz. Daarnaast wordt de Europese wetgeving EHDS (European Health Data Space) momenteel geïmplementeerd. De eerste verplichtingen vanuit de EHDS gaan in per maart 2029. De ontwikkeling die daarvoor nodig is, kost echter jaren. Daarom wordt hier nu al hard aan gewerkt. De EHDS verplicht zorgaanbieders om:
- zorggegevens digitaal uit te wisselen volgens vastgestelde standaarden;
- data beschikbaar te stellen aan zorgaanbieders in het buitenland;
- data beschikbaar te stellen voor secundair gebruik, zoals leren en verbeteren, wetenschappelijk onderzoek en beleidsvorming.
Dit zijn geen vrijblijvende adviezen, maar verplichtingen waar je als zorgaanbieder aan moet voldoen. Met andere partijen zijn we in gesprek om te bepalen wat de EHDS precies betekent en hoe we dit voor de zorgverleners zo goed en eenvoudig mogelijk kunnen regelen.
Hoe wordt dit nu georganiseerd?
Om hieraan te kunnen voldoen, is in de geboortezorg de afgelopen jaren hard gewerkt aan gezamenlijke afspraken en de systemen die dit mogelijk maken. Vanuit het subsidieprogramma VIPP Babyconnect is het Duurzaam Informatiestelsel Geboortezorg (DIG) opgezet: een samenwerkingsverband tussen KNOV, Bo Geboortezorg, NVOG, NVK, BEN en de Federatie van VSV's. Het DIG wordt beheerd door Blinkz. Als onderdeel van het DIG staan wij achter deze aanpak en zetten wij ons in voor de verdere ontwikkeling en brede toepassing ervan. Met elkaar zijn we verantwoordelijk voor een systeem waar goed mee te werken valt en de zorgverleners ondersteunt in haar dagelijkse praktijk en het voldoen aan de wet- en regelgeving.
Binnen het DIG zijn afspraken gemaakt over de uitwisselingsstandaard, en is er doorlopend contact over verdere implementatie en doorontwikkeling met softwareleveranciers in de geboortezorg en met de viewer-aanbieder Hinq (op dit moment de enige partij die een geschikte viewer levert). Blinkz stuurt de verdere implementatie en doorontwikkeling aan.
Er is al een flinke stap gezet richting het voldoen aan de EHDS-eisen; De gegevens die je deelt moeten uiteindelijk met de juiste toestemmingen beschikbaar worden gesteld aan zorgverleners uit heel Europa. Deze “interoperabiliteit” is via het DIG geregeld en kan niet zomaar overgenomen worden of zelf ontwikkeld worden.
Wie betaalt dit eigenlijk?
De kosten van implementatie en doorontwikkeling, voor het personeel van Blinkz, voor actief betrokken zorgverleners en cliënten, en voor het ontwikkelen van aanvullende functionaliteiten, zijn de afgelopen jaren buiten zorgaanbieders om gefinancierd. Eerst via subsidie, daarna via een tijdelijke regeling waarbij zorgverzekeraars het DIG rechtstreeks betaalden.
Vanaf 2027 verandert dit. Dan loopt deze geldstroom via de VSV's. Het ministerie van VWS heeft geld beschikbaar gesteld voor zorgverzekeraars, zodat zij via de VSV-bekostigingelk VSV een afdracht kan doen aan Regionale Samenwerkingsorganisatie (RSO)-Nederland en aan het DIG, om de kosten van de opgezette structuren te dekken. In de referentiebegroting in de toolkit van de Federatie van VSV’s is hiervoor €55.363 opgenomen. In het contract van het VSV met de zorgverzekeraars kunnen afspraken over deze afdracht worden opgenomen. Dit staat los van wat je als verloskundigenpraktijk al aan je eigen softwareleverancier betaalt voor de ingebouwde systemen.
Er gaan dus verschillende geldstromen lopen:
- Lokaal: Onderhoudskosten voor je eigen softwareleverancier
(Onatal, Orfeus, Vrumun, Atermes en/of Astraia)
De extra kosten voor digitale gegevensuitwisseling zijn sinds 2026 opgenomen in het tarief voor verloskundige zorg. Elke zorgaanbieder (praktijk) betaalt dit aan de eigen softwareleverancier.
- Regionaal
- Ondersteuningskosten voor de RSO die jouw regio ondersteunt.
Hiervoor is geld opgenomen in de €55.363 die het VSV via de VSV-bekostiging kan ontvangen. Het VSV draagt dit af aan RSO-Nederland, die het verdeelt over de RSO’s. - Licentiekosten voor de interoperabiliteitsfunctie en de viewer bij HINQ.
Hiervoor is geld opgenomen in de €55.363 die het VSV via de VSV-bekostiging kan ontvangen. Het VSV draagt dit af via RSO-Nederland, die het verdeelt over de RSO’s, die het doorzetten naar HINQ.
- Ondersteuningskosten voor de RSO die jouw regio ondersteunt.
- Landelijk: Bijdrage voor het DIG
Hiervoor is geld opgenomen in de €55.363 die het VSV via de VSV-bekostiging kan ontvangen. Het VSV draagt dit af aan de Federatie van VSV’s, die het geld van het DIG beheert.
Let op: Je kunt de vergoeding voor digitale gegevensuitwisseling uit de structurele VSV-bekostiging niet zomaar aan een eigen ICT-traject uitgeven.
De precieze juridische en technische uitwerking van deze afdrachten is nog volop in ontwikkeling. De federatie van VSV’s coördineert de implementatie van de structurele bekostiging voor VSV’s. Heb je hier vragen over, neem dan contact op met hen. Neem hierin KNOV mee (bijvoorbeeld in cc), zodat wij weten wat er in het veld speelt en zo nodig hierover met hen in gesprek kunnen.
Mag het ook op een andere manier?
We krijgen vragen van leden of het mogelijk is om dit op een andere manier vorm te geven. De KNOV heeft hier geen rol in als beroepsorganisatie. Het staat iedereen vrij om zelf voor een aanbieder te kiezen. Het is belangrijk om te voldoen aan de wet- en regelgeving. Elke ICT-oplossing moet daarmee voldoen aan dezelfde landelijke standaarden en EHDS-eisen. Binnen het DIG zijn afspraken gemaakt over het goed kunnen borgen van de wensen van zorgverleners. Hiervoor is een gebruikersraad (kerngroep eindgebruikers) beschikbaar én jaarlijks is er budget beschikbaar voor doorontwikkeling. Eventuele wensen kan je daar als zorgverlener kwijt, evenals bij de KNOV. Wij nemen deze wensen dan mee in de landelijke overleggen.
Loop je tegen problemen aan met de systemen? Meld dit bij jouw Regionale Samenwerkingsorganisatie (RSO). Voor actuele informatie kun je terecht op de kennisbank van Blinkz, en met vragen over digitale gegevensuitwisseling in de geboortezorg in bredere zin kun je terecht bij de Helpdesk Digitale Zorg.
Tot slot
Er wordt hard gewerkt om problemen met inloggen op te lossen, meer gegevens uit de tweede lijn te koppelen, veiligheid en het downloaden van documenten. Om ervoor te zorgen dat jullie goed op de hoogte kunnen blijven van deze ontwikkelingen organiseert Blinkz in het najaar webinars voor verloskundigen (of zoals we dat noemen: eindgebruiker) over de stand van zaken, doorontwikkeling, veiligheid en bekostiging.
De digitale gegevensuitwisseling in de geboortezorg is nog volop in ontwikkeling en de viewer werkt nog niet optimaal. Tegelijkertijd werken we samen naar een goed werkende, landelijk gedragen oplossing. Daarom bouwen we samen, als geboortezorg beroepsgroepen, aan een systeem dat doet wat het moet doen. Nu en met het oog op de EHDS-verplichtingen die eraan komen.
Meer weten?
KNOV gaf op 13 juli jl. samen met Blinkz en de andere DIG-partijen een webinar over de status van de digitale gegevensuitwisselingsoplossing.