Samenwerken in het regionale netwerk

Laatste update: 18 november 2021
Plaatsingsdatum: 02 november 2021

Als verloskundige is het belangrijk om samen te werken met de andere zorgverleners in de geboortezorg en met de andere zorgverleners om de geboortezorg heen. Dit kan in verschillende samenwerkingsverbanden en netwerken.

  • VSV staat voor Verloskundig Samenwerkings Verband. Het VSV is aangewezen door de zorgstandaard integrale geboortezorg als het gremium waar partijen in de geboortezorg samen komen. De integrale zorgstandaard legt een aantal taken neer bij het VSV. Denk daarbij aan:

    • multidisciplinaire en lijnoverstijgende samenwerking
    • ontwikkelen regionaal beleid en regionale zorgpaden. Hierbij valt te denken aan ruimte voor extra aandacht voor ouders met lage SES en lagere cognitieve vermogens
    • invulling geven aan de coordinerend zorgverlener, zoals die in de zorgstandaard is opgenomen.

    Met deze doelen legt het VSV nieuwe stijl het accent vooral op de inhoud van de zorg waarbij alle ketenpartners zijn betrokken. 
    BronZorgstandaard Integrale geboortezorg.

    Wie is er betrokken in een VSV?

    De deelnemers van een VSV zijn in de eerste plaats de verloskundige zorgverleners die direct betrokken zijn bij de zorgverlening aan individuele cliënten: de verloskundige, de verloskundig actieve huisarts en de gynaecoloog. Afhankelijk van de lokale of regionale situatie kunnen ook andere geboortezorgverleners aansluiten, zoals kinderartsen, huisartsen, vertegenwoordigers van kraamzorginstellingen, zorgverzekeraars en cliëntenorganisaties, ambulancezorg en public health. Zij kunnen structureel of ad hoc deelnemen.

    Organisatie en inrichting van een verloskundig samenwerkingsverband 

    Bestaande VSV's geven aan dat vertrouwen en onderling professioneel respect belangrijke voorwaarden zijn voor het functioneren van het VSV. Ook is het belangrijk dat steeds dezelfde vertegenwoordigers aan het overleg deelnemen, zodat men elkaar goed leert kennen. Onderstaande zaken zijn van belang om met elkaar af te spreken en te regelen: 

    Inhoud 

    • Een gezamenlijk geformuleerde visie en missie. 
    • Gezamenlijk overeengekomen doelstellingen. Deze doelstellingen zijn bij voorkeur SMART geformuleerd (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en met Tijdpad). De doelstellingen worden door alle deelnemers onderschreven. Het uitwisselen van verwachtingen van het overleg geeft duidelijkheid; iedereen moet nut en belang van overleg inzien. 
    • Ontwikkeling van gezamenlijke zorgpaden, richtlijnen, protocollen, kwaliteitsbeleid. 
    • Implementatie en evaluatie van zorgpaden, richtlijnen, protocollen en kwaliteitsbeleid.  

    Proces 

    • Evenwichtige verhoudingen tussen deelnemers (gelijkwaardig in omgang). Dit wordt bereikt door: 
    • Wederzijds respect voor en vertrouwen in elkaars deskundigheid/vakgebieden; 
    • Goede communicatie: op de hoogte zijn van en openstaan voor elkaar visies en belangen; 
    • Bereidheid openheid te bieden over eigen werkwijze. 
    • Voldoende cohesie binnen de lokale beroepsgroepen is noodzakelijk voor goed functioneren. 
    • Belangen van alle partijen duidelijk krijgen (verborgen agenda’s open op tafel). 
    • Resultaten inzichtelijk maken van het overleg in het dagelijks handelen. Snelle resultaten motiveren (vieren van successen!). 
    • Goede contacten werken bevorderend voor de ontwikkeling van een VSV (elkaar persoonlijk kennen). 

    Structuur en organisatie 

    • Een formele samenwerkingsovereenkomst is afgesloten of een intentieverklaring. 
    • Duidelijke vastgelegde afspraken over besluitvorming, mandatering, communicatie met de achterban en geschillenregeling. 
    • Een duidelijke vergaderstructuur met voorzitter, agenda, notulen: 
    • Een onafhankelijke (externe) voorzitter met goede sociale vaardigheden en een vaste notulist; 
    • Tijdige en volledige verspreiding van schriftelijke stukken zoals de agenda, notulen en notities; 
    • Frequentie van vergaderen is vastgesteld en op vaste dag per periode. 
    • Vaste werkgroep of bestuur die het overleg inhoudelijk voorbereidt met deelnemers uit de verschillende beroepsgroepen. 
    • Mogelijkheden tot implementeren van de uitkomsten van het overleg (tijd, geld en mankracht beschikbaar). 
    • Inzet en commitment vanuit deelnemers om tijd en energie te besteden aan het VSV, ondanks werkdruk of andere interne en externe gebeurtenissen. 
    • Uitwisseling van ‘best practices’ VSV met betrokkenen (multidisciplinair) in het veld. 
    • Overeenstemming tussen de deelnemers over prioriteiten, richting en heldere opdracht voor het VSV.

    VSV Overeenkomst 

    Voor het vastleggen van de afspraken van het VSV is er een VSV-voorbeeldovereenkomst beschikbaar. 

    Toolkit VSV

    Het College Perinatale Zorg (CPZ) heeft een aantal ondersteuningsinstrumenten ontwikkeld voor je VSV. 

    • VSV Toolkit professionalisering. Gebruik de toolkit om de VSV-cultuur te verstevigen, de toekomstvisie & strategische koers (krachtiger) te zetten of om de samenwerkingsafspraken en organisatiestructuur verder te formaliseren.
    • Alles op een rijtje rond de bekostiging vind je hier handig samengebracht. En kijk ook op de KNOV-pagina Bekostiging van de geboortezorg
    • De VSV-spiegel laat zien hoe de samenwerking binnen je VSV verloopt.

    Integrale geboortezorg

    In steeds meer regio’s/VSV’s kijkt men hoe ze integrale zorg kunnen vormgegeven. De module ‘Integrale Geboortezorg’ biedt ruimte om de kwaliteit van de verloskundige zorg te verbeteren en de samenwerking binnen de keten te bevorderen. Voor meer informatie: Tarief Verloskundige zorg (opbouw).

    Toetsingskader voor VSV's

    De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd heeft een definitief Toetsingskader voor de VSV-regio’s vastgesteld. Het toetsingskader geeft de normen aan waar de inspectie VSV’s op toetst. Deze normen zijn afkomstig uit wetten, richtlijnen en het advies 'Een goed begin' van de Stuurgroep Zwangerschap en geboorte uit 2009. 

    Meer informatie

  • Het experiment integrale bekostiging in de geboortezorg benoemt integrale geboortezorgorganisaties als middel om de zorg te declareren binnen het experiment. Binnen deze organisaties werken verschillende disciplines in één financiele entiteit (de IGO). Deze IGO declareert de zorg die binnen de IGO wordt geleverd. Binnen de IGO worden afspraken gemaakt hoe het geld over de verschillende zorgverleners wordt verdeeld?

    Is een IGO en VSV hetzelfde?

    De meeste IGO’s die zijn gestart, zijn voortgekomen uit dezelfde zorgverleners als het VSV. Dit kan zijn dat er in regio’s overlap is of wordt gevoeld tussen een IGO en een VSV. Het zijn echter twee verschillende entiteiten met verschillende grondslag en doelen.
    Een VSV is een overleggremium waar deelname verplicht is voor de zorgverleners uit de geboortezorg in de regio. Het kent per definitie een inclusief en regionaal karakter. Het doel van een VSV is kwaliteitsbevordering, specifiek gekoppeld aan de zorgstandaard integrale geboortezorg. De wettelijke grondslag hiervoor ligt hiervoor bij wetgeving rondom kwaliteit.

    De IGO is een organisatievorm waarbij wordt gekozen om de declaraties van de zorgverzekeraar gezamenlijk te doen en te laten landen in dezelfde organisatie. De inkomende geldstromen (niet de uitgaande) worden gebundeld. Niet alle zorgverleners hoeven/kunnen deel uitmaken van een IGO. Een IGO is ook niet per definitie regionaal. De wettelijke grondslag voor de IGO ligt in het experiment integrale bekostiging gebaseerd op de Wet marktordening gezondheidszorg.

    Moet ik in de regio een IGO starten?

    De KNOV is geen voorstander van de integrale bekostiging. Er ligt een alternatief voorstel in het Common Eye-traject en de Notitie passende bekostiging van de KNOV. De KNOV is wel voorstander van goede samenwerking in de regio. Daarvoor is het opzetten van een IGO niet nodig. Het VSV is daarvoor het aangewezen gremium. 
    Op de website van het CPZ staat een overzicht in welke regio een IGO is. 

    Vragen over een IGO en integrale bekostiging?

    Neem dan contact op met Programmamanager Job Paulus via jpaulus@knov.nl.

  • Het Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ) brengt het acute zorgaanbod in de regio in kaart en bedenkt oplossingen voor eventuele 'gaten' in de bereikbaarheid. Eventuele problemen rondom capaciteit of verminderde bereikbaarheid van acute verloskunde als gevolg van (tijdelijke) sluiting worden daar ook besproken. Zie voor meer informatie de pagina over capaciteitsproblematiek.

    Belang voor verloskundigen 

    Het is essentieel dat verloskundigen goed vertegenwoordigd zijn in de ROAZ. Het betreft immers het werk wat verloskundigen uitvoeren. Door hen goed te betrekken wordt tevens de creativiteit en oplossingsrichtingen in de hele keten gebruikt. Waardoor ook besproken kan worden hoe druk op de acute zorg voorkomen kan worden door eerder in de keten de zorg te vernieuwen. De KNOV is dan ook van mening dat verloskundigen goed vertegenwoordigd moeten zijn in een ROAZ. Dat vraagt ook van verloskundigen in de ROAZ gebieden een goede afvaardiging, visie op de acute verloskunde en mandaat/organisatievorm.

    Taken ROAZ 

    Om de gaten in bereikbaarheid te signaleren en in kaart te brengen, kijken de 11 ROAZ-regio’s naar: 

    • Wie welke zorg levert 
    • Hoeveel mensen elke zorgaanbieder kan behandelen 
    • Welke (in)directe afspraken de ketenpartners in de regio al hebben voor de aansluiting van acute zorg 
    • Daarnaast houdt het ROAZ zich bezig met de voorbereiding op grootschalige inzet bij rampen. 

    Inrichting overlegketen 

    In de Notitie afspraken WTZi   (Wet Toelating Zorginstellingen) en het ROAZ staan de afspraken over de inrichting van de overlegketen.  

     

Overig

Meer Vakkennis & Wetenschap

Meer Werk & Organisatie

Oproepen

Agenda