KNOV Winkelmandje (0) Menu

Werkgroep KNOV-NVOG

Gepubliceerd: 30 augustus 2013, laatste update: 01 juli 2014

Verloskundigen in Nederland werken nauw samen met andere zorgverleners in de geboortezorg zoals kraamverzorgers, kinderartsen en gynaecologen.

Eerstelijnszorg

In de eerstelijnszorg – zorg in de buurt - verlenen verloskundigen en huisartsen de zorg aan vrouwen die een gezonde zwangerschapsverloop hebben. Deze vrouwen hebben een laag risico op complicaties tijdens de zwangerschap en de bevalling. Deze verloskundigen zijn deskundig en opgeleid in het begeleiden van een natuurlijk (fysiologisch) verloop van de zwangerschap en bevalling. Door een zorgvuldige risicoselectie selecteren ze welke zwangeren gespecialiseerde verloskundige hulp nodig hebben van de tweedelijnszorg.

Tweedelijnszorg

In de tweedelijnszorg begeleiden verloskundige zorgverleners vrouwen met een verhoogd risico op complicaties. Gynaecologen zijn hiervoor opgeleid en hebben specifieke medische deskundigheid (pathologie) van de zwangerschap en bevalling. Zij verlenen medisch specialistische zorg met een team bestaande uit artsen al dan niet in opleiding tot gynaecoloog (A[N]IOS), klinisch verloskundigen, in de verloskunde gespecialiseerde verpleegkundigen en kraamverzorgenden. Dit wordt ook wel een obstetrisch team genoemd.

Klinisch verloskundige

De klinische verloskundige brengt in dit obstetrisch team haar specifieke deskundigheid in, waardoor in de zorg rondom de zwangerschap en bevalling het natuurlijk verloskundig proces in samenhang met de specifieke pathologie leidt tot hoogwaardige verloskundige zorg. De meeste ziekenhuizen in Nederland werken met klinisch verloskundigen. De klinisch verloskundige heeft in de loop van de jaren een belangrijke plaats ingenomen binnen de afdeling obstetrie in ziekenhuizen. Toch hangen de positie van de klinisch verloskundige, haar rol, taken en deskundigheid af van de invulling en afspraken in het desbetreffende ziekenhuizen. Daarnaast heeft de klinisch verloskundige een juridische positie – en die is net als van de daar werkzame gynaecologen - onvoldoende gewaarborgd. Deze situatie is niet wenselijk. Op verschillende manieren probeert de KNOV samen met de NVOG deze situatie te verbeteren.

De KNOV-NVOG werkgroep Klinisch Verloskundigen heeft de taak opgepakt om een eerste nota op te stellen waarin de volgende onderwerpen aan de orde komen:

  • Het formaliseren van de positie van de klinisch verloskundige binnen de wet en regelgeving. Op dit moment is de positie van de klinisch verloskundige onvoldoende vastgelegd.
  • Het geven van een kader voor de rol, plaats en positie van de klinisch verloskundige binnen de klinische setting in het ziekenhuis. Dit kader geeft op hoofdlijnen aan wat van een klinisch verloskundige verwacht mag worden en wat niet. Dit kader kan vervolgens nader ingevuld worden door de ziekenhuizen waar de klinisch verloskundige werkzaam is.
  • Het opzetten van een formele registratie, opleiding en accreditatie van de klinisch verloskundige, gebaseerd op bovenstaande punten.

De ALV van 19 november 2010 stemde in met het eindrapport van de KNOV-NVOG Werkgroep Klinisch Verloskundigen. Daarin staat:

  • de instelling van een specialistenregister voor klinisch verloskundigen
  • de verankering van de handelingen van de klinisch verloskundigen in verplichte protocollen op ziekenhuisniveau.

Deze informatie is alleen voor leden

Log in en krijg direct toegang tot alle informatie

Inloggen

Deel via:

  • Facebook
  • Twitter
  • E-mail

Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen

Beroepsorganisatie van en voor verloskundigen

Word lid