KNOV Winkelmandje (0) Menu

Perinatale sterfte

Gepubliceerd: 30 mei 2016, laatste update: 13 februari 2018

De perinatale sterfte in Nederland neemt verder af en dat is een positieve ontwikkeling.

De daling komt vermoedelijk door meer aandacht voor kwetsbare zwangere vrouwen, een betere voorlichting over een gezonde levensstijl en een betere samenwerking tussen verloskundigen, kraamzorg, kinderartsen en gynaecologen.

Roken en alcohol tijdens de zwangerschap blijven een risicofactor voor de gezondheid van de baby. Daarom is preventie in combinatie met meer aandacht voor kwetsbare zwangeren een speerpunt voor de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV). Verloskundigen maken zich hard voor zorg aan kwetsbare zwangeren en het geven van voorlichting over een gezonde leefstijl.

Begrippen perinatale sterfte

Sterfte tijdens de zwangerschap, bevalling en in de eerste periode na de geboorte (perinatale sterfte) is een belangrijke indicator van de gezondheid van zwangere vrouwen en hun baby’s en van de kwaliteit van de zorgverlening tijdens de zwangerschap en bevalling. We zetten de bijbehorende begrippen op een rij: 

  • Foetale sterfte: doodgeboorte tijdens zwangerschap en bevalling. De hoogte van dit sterftecijfer is sterk afhankelijk van zwangerschapsduur waar vanaf wordt gerekend, bijvoorbeeld vanaf 22, 24 of 28 weken.
  • Neonatale sterfte: sterfte van levendgeborenen die optreedt binnen 28 dagen na de geboorte. Deze is verder onder te verdelen in:
    • vroege neonatale sterfte: sterfte binnen 7 dagen na de bevalling (1e week) én 
    • late neonatale sterfte: sterfte tussen 7 en 28 dagen na de geboorte (2e- 4e week)
  • Perinatale sterfte: combinatie van foetale én (vroege) neonatale sterfte. Soms wordt de uitgebreide perinatale sterfte bedoeld: tot 28 dagen na de geboorte .

Zwangerschapsduur nodig voor definitie
De hoogte van foetale, neonatale en perinatale sterftecijfers zijn sterk afhankelijk van zwangerschapsduur waar vanaf wordt gerekend, bijvoorbeeld vanaf 22, 24 of 28 weken. Bij het presenteren van perinatale sterftecijfers is het dus belangrijk om te weten vanaf welke zwangerschapsduur en/of geboortegewicht wordt gerekend én welke periode na de bevalling in de cijfers wordt meegenomen. Wij gebruiken hier de definitie van de World Health Organisation : "Perinatale sterfte bij zwangerschappen vanaf 22 weken zwangerschapsduur en indien de zwangerschapsduur onbekend is, met een geboortegewicht van tenminste 500 gram én binnen 7 dagen na de geboorte." Deze definitie wordt ook door de Nederlandse stichting Perined - die de Nederlandse Perinatale Registratie verricht - gebruikt. .

Afname perinatale sterfte in Nederland

In de periode van 2000 - 2014 is in Nederland:

  • De perinatale sterfte van 11,9‰ gedaald naar 7,4‰. Dat is een afname van 34,7%.
  • De foetale sterfte van 7,7 ‰ gedaald naar 4,7‰ (4,7 per 1000 geborenen)
  • De neonatale sterfte van 4,2 ‰ gedaald naar 2,8 ‰ (2,8 per 1000 geborenen)

In 2014 was de totale perinatale sterfte gedaald tot 0,74%. De meeste baby’s overlijden bij een zeer vroege geboorte tussen de 22ste en 28ste week van de zwangerschap. 2/3 van de baby’s die overlijden, zijn geboren voor de 28ste week van de zwangerschap. Het aantal baby’s dat na een voldragen zwangerschap van minimaal 37 weken overlijdt, is gedaald tot minder dan 2 per duizend baby’s. Opvallend zijn de verschillen tussen de provincies. In 2014 is de perinatale sterfte in Friesland het laagst met 6,08‰ en in Flevoland het hoogst (9,97‰).

Perinatale Registratie Nederland
Perined beheert in Nederland de Perinatale Registratie, die de data bevat van de vier beroepsgroepen die zich bezighouden met geboortezorg: verloskundigen, huisartsen, gynaecologen en kinderartsen/neonatologen. Doel van de registratie is de kwaliteit van zorg te verbeteren door dataverzameling te gebruiken voor inzage in het hele zorgproces.

Schema perinatale sterfte

Nederland in vergelijking met andere Europes landen

De meest recente gegevens van Nederland in vergelijking met Europa zijn gepubliceerd door Eurostat - de website met gegevens over de EU- over het jaar 2013. Perinatale sterfte wordt door Eurostat gedefinieerd als boven de 24 weken en t/m 7 dagen na de geboorte. Uit deze gegevens blijkt dat de Nederlandse geboortezorg bij de top van de best scorende Europese landen staat als het gaat om babysterfte. De babysterfte is gelijk aan landen als Noorwegen en Zweden. Ongeveer 5 baby’s per 1000 geborenen overlijden rondom de geboorte. 

Nederland 5,3 per 1000
Noorwegen 5,3
Zweden 5,1
United Kingdom 6,7
Duitsland 5,5
Denemarken 6,7
België  6,6
Finland 3,4

In de afgelopen jaren is veel aandacht geweest voor de perinatale sterfte in Nederland in vergelijking met andere Europese landen, op basis van Europeristat rapporten in 2000, 2004, 2008 en 2010. In deze rapporten is steeds de perinatale sterfte vanaf 22 weken vergeleken. Inmiddels is duidelijk dat voor internationale vergelijking beter gekeken kan worden naar cijfers vanaf een latere zwangerschapsduur. De Europeristat onderzoekers adviseren om voor internationale vergelijkingen te kijken naar de foetale sterfte vanaf een zwangerschapsduur van 28 weken, en de neonatale sterfte vanaf 24 weken (Mohangoo 2014, NTvG).

Bij gebruik van deze vergelijking behoorde Nederland in 2010 bij de middenmoot van Europa, en was de daling in sterfte ten opzichte van eerdere jaren sterker dan gemiddeld in Europa. 

Perinatale sterfte; Nederland in vergelijking met andere Europese landen

Risicofactoren roken en alcohol

Roken en alcohol tijdens de zwangerschap zijn een risico voor de gezondheid van de baby. Laagopgeleide vrouwen roken vaker dagelijks dan hoogopgeleide vrouwen: in 2015 rookte 22,1% van de laagopgeleide vrouwen, 5,5% van de middenopgeleide en 0,9% van de hoogopgeleide vrouwen. Roken onder hoog- en middenopgeleide vrouwen is flink afgenomen (-6,4% en -4,5%), maar bij laagopgeleide vrouwen maar 2%. Het percentage vrouwen dat in de eerste drie maanden van de zwangerschap drinkt is afgenomen. Hoogopgeleide vrouwen drinken nog altijd meer dan laag- en middenopgeleide vrouwen (9,4% ten opzichte van 6,8% en 5,4%). Ditzelfde fenomeen is ook te zien bij vrouwen die borstvoeding geven (gemiddeld 24,6%). 

Aandacht voor preventie
De Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV) maakt zich al jaren hard voor aandacht voor preventie: bijvoorbeeld de zorg aan kwetsbare zwangeren en voorlichting over een gezonde leefstijl. De bewustwording van een gezonde levensstijl van (aanstaande) moeders staat hoog op onze agenda. Door allerlei vormen van preconceptiezorg en voorlichting wijzen verloskundigen op het belang van een gezonde levensstijl (niet roken, niet drinken, geen drugs) voor en tijdens de zwangerschap omdat dat zorgt voor een grotere kans op een gezonde zwangerschap en een gezonde baby.

Veel verloskundigenpraktijken bieden een kinderwensspreekuur aanom aanstaande ouders te wijzen op de invloed van een gezond begin van de zwangerschap. Maar de KNOV richt zich ook met ketenpartners op tieners. Om jongeren al vroeg in hun leven bewust te maken van het feit dat het belangrijk is om gezond zwanger te worden, is er onder andere de website nietofwelzwanger.nl. Verder heeft de KNOV met ketenpartners een handreiking Stoppen met Roken voor de begeleiding van zwangeren om te stoppen met roken.

Factsheet Feiten en cijfers babysterfte in Nederland en Europa

Deel via:

  • Facebook
  • Twitter
  • E-mail

Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen

Beroepsorganisatie van en voor verloskundigen

Word lid