Nieuwsbericht

08 december 2020

Hartfilmpje nu ook bij je verloskundige in de wijk. Goedkopere zorg dichter bij huis

Normaal gesproken voert een verloskundige bij jou als gezonde, zwangere vrouw alle controles en onderzoeken uit die nodig zijn. Maar als je je baby minder voelt bewegen, je zwangerschap de 42 weken nadert of je baby in een stuitligging ligt, dan moet je naar het ziekenhuis voor een hartfilmpje (CTG).

Tegenwoordig hoeft dat niet meer. Tenminste als je woont in een van de experiment regio’s -Nijmegen, Zwolle of Amsterdam. De verloskundige doet het hartfilmpje gewoon bij jou in de wijk. Zo krijg je de zorg die je nodig hebt, dichtbij huis, door je eigen vertrouwde verloskundige, tegen lagere kosten.

Een hartfilmpje doen in de wijk past goed binnen een bredere oproep van de Nederlandse overheid: Veilige en betaalbare zorg, dichtbij huis. De KNOV, de organisatie van verloskundigen, zet zich in om deze vorm van juiste zorg op de juiste plek voor iedereen toegankelijk te maken. Eind van dit jaar wordt het duidelijk of dit experiment in de prullenbak verdwijnt of juist werkelijkheid wordt.

Meer zorg dichtbij in de wijk, minder in het ziekenhuis

Voor het eind van 2020 neemt het zorginstituut een besluit of deze zorg – na 6 jaar experimenteren in de drie pilotregio’s – daadwerkelijk in de eerste lijn uitgevoerd kan worden. Resultaten uit die regio’s (Nijmegen, Zwolle en Amsterdam) laten een positief effect zien. Van de 100 vrouwen die voor deze CTG naar het ziekenhuis werden verwezen, kwamen er 94 terug omdat er niets aan de hand bleek te zijn. Door deze CTG’s door verloskundigen in de eerste lijn te laten uitvoeren en beoordelen, hoeven er maar 6 van de 100 naar het ziekenhuis verwezen te worden. In de oude situatie zouden alle vrouwen voor het maken van het hartfilmpje in het ziekenhuis zijn beland. Door deze zorg dichtbij huis te regelen, zien vrouwen minder zorgprofessionals, waardoor continuïteit van zorgverlener geborgd kan worden. Uit onderzoek is gebleken dat een vrouw die niet met veel verschillende zorgverleners tijdens de zwangerschap en bevalling te maken heeft gehad, vaak positiever terugkijkt op haar bevalling.

Vrouwen zeggen dat deze substitutie van zorg – in de wijk in plaats van in het ziekenhuis – hen goed bevalt (9.4 op een schaal van 10). Amsterdams onderzoek toonde verder aan dat zwangere vrouwen blij waren met minder reistijd en met een verloskundige in de wijk die altijd direct tijd kon maken. Ook Marloes Mulder in Zwolle, nu 37 weken zwanger, kijkt positief terug op haar CTG bij haar eigen verloskundige die nodig was toen zij in haar 35e week minder leven voelde. “Het was prettig dat ik meteen terecht kon bij mijn verloskundige. Zo’n omgeving met alleen vertrouwde gezichten geeft een fijn en geborgen gevoel.”

Ook professionals zien voordelen

Niet alleen zwangere vrouwen ervaren voordelen van een CTG dichtbij huis, ook betrokken verloskundigen zijn positief. Zo wijst verloskundige Petra Veenhof op de laagdrempeligheid van een CTG in haar praktijk. “Vrouwen komen vaak bezorgd naar ons toe met de spanning in hun lijf. Ik luister dan even, maak een echo en een hartfilmpje. En al tijdens het onderzoek zie je het lichaam zich ontspannen en vaak beweegt het kindje dan al tijdens het bezoek.” Het is die laagdrempeligheid en vertrouwdheid die zo kenmerkend is voor een CTG in de eerste lijn.

Ook gynaecologen reageren enthousiast. In de experimentregio’s valt verloskundigen en gynaecologen op dat ze beter samenwerken – ze maken goede afspraken met elkaar over het verrichten van hartfilmpjes en, in het bijzonder, leren ze van elkaar om goede, veilige zorg te leveren.

Grote besparingen zijn mogelijk

Verloskundigen in het land kijken met grote belangstelling naar deze pilots. De Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV) beaamt dit: “Vrijwel wekelijks ontvangen we mail of telefoontjes van onze leden, die vragen wanneer zij kunnen meedoen”, vertelt Charlotte de Schepper, directeur van de KNOV. “Het bespaart ook aanzienlijk in de kosten van de gezondheidszorg in Nederland.” Zo laat een rapport opgesteld door twee van de experiment regio’s zien dat de gemiddelde kostenbesparing per hartfilmpje neerkomt op € 450 per hartfilmpje. De experimenten in Nijmegen en Zwolle hebben geleid tot een kostenbesparing van ruim €1.2 miljoen over drie jaar.

Het hartfilmpje sluit goed aan bij de technische ontwikkelingen in de zorg (E-Health). De Schepper: “Ook tijdens de Corona pandemie heeft deze vorm van E-Health een belangrijke plek gekregen in de geboortezorg. Een controle plus aanvullende diagnostiek in de vorm van een hartfilmpje thuis of in de verloskundige praktijk zorgt ervoor dat, ten tijde van een pandemie, zwangere vrouwen goede zorg krijgen, zonder dat ze onnodig het ziekenhuis moeten bezoeken. Ook wordt zo het ziekenhuis niet onnodig belast, waardoor deze professionals de ruimte houden om zwangere vrouwen te zien die echt specialistische zorg nodig hebben. En daarom is dit experiment een excellent voorbeeld van de juiste zorg op de juiste plek: kwalitatief goed, dichtbij huis en veilig ….. ofwel in de eerste lijn waar het kan en in het ziekenhuis waar het moet.”