Minister Sterk van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kiest een nieuwe koers in het tuchtrecht. Dat schrijft zij in de Verzamelbrief Wet BIG van 7 oktober 2026. Ernstige klachten horen nog steeds in het tuchtrecht thuis, maar lichtere klachten zouden door de zorgorganisaties zelf behandeld kunnen worden. Het tuchtrecht krijgt dan een voornamelijk corrigerende werking en zorgprofessionals leren zelf van fouten en werken aan het verbeteren van de kwaliteit van zorg.
In aanloop naar deze brief was de KNOV betrokken bij de werkgroep ‘Toekomstbestendig tuchtrecht’. Alle deelnemende beroepsorganisaties, waaronder de KNOV, staan achter deze koers. Deze sluit namelijk beter aan bij het oorspronkelijke doel: het tuchtrecht bewaakt de professionele norm, maar de beroepsgroep draagt zelf verantwoordelijkheid voor het verbeteren van de kwaliteit.
Het tuchtrecht is belastend voor zorgverleners en leidt vaak na vele goede arbeidsjaren tot uitval. Een duidelijke afbakening tussen leren en sanctioneren is onder andere daarom gewenst. Het tuchtrecht richt zich alleen op het corrigeren van herhaaldelijk of ernstig tekortschieten in de kwaliteit van de zorg door individuele zorgverleners. Met daarnaast ruimte voor een veilige omgeving om fouten te bespreken, ervan te leren én waarbij nadrukkelijk meer ruimte is om te leren van wat goed gaat.
De minister heeft een beleidsrichting gekozen, maar de wettelijke uitwerking moet nog volgen. Een concrete planning is nog niet bekend. De KNOV blijft de ontwikkelingen volgen en deelt haar bevindingen met het ministerie waar nodig. Uiteraard houden we onze leden op de hoogte.