KNOV Winkelmandje (0) Menu

NZa verplicht zorgaanbieders tot meer transparantie en neutrale berichtgeving

04 februari 2020

Vanaf 1 februari 2020 is een nieuwe NZa-regeling 'Transparantie zorgaanbieders van kracht', waarin is vastgelegd welke informatie zorgaanbieders verplicht moeten verstrekken aan patiënten.

De NZa heeft daarmee een eerdere NZa-regeling, die gold sinds 2014, over informatieverstrekking door zorgaanbieders aan patiënten vervangen en aangescherpt. Volgens de NZa is het aan de zorgaanbieder om de patiënt te informeren over datgene dat voor de patiënt van belang is om een keuze te maken welke zorg hij wil ontvangen van welke zorgaanbieder, waaronder met name begrepen informatie over de hoogte van de kosten van zorg en vergoedingen van zorg. In de toelichting op deze NZa-regeling wijst de NZa overigens ook op de verplichting die zorgverzekeraars in dit kader hebben.

Om welke informatieverplichtingen voor zorgaanbieders gaat het, en op welke wijze moeten zorgaanbieders informeren? Een overzicht.

1. Reikwijdte en wijze van informeren

Artikel 1 van de Transparantieregeling maakt duidelijk dat de informatieverplichtingen van zorgaanbieders ziet op alle zorg, dus zowel zorg waarop aanspraak bestaat op basis van een basisverzekering , aanvullende verzekering als onverzekerde zorg. Zorgaanbieders morgen kiezen op welke wijze patiënten worden geïnformeerd: schriftelijk, mondeling, per telefoon of anderszins. De Regeling is op al deze vormen van communicatie van toepassing. De zorgaanbieder dient wel te kunnen aantonen dat hij de verplichte informatie heeft verstrekt. Schriftelijke vastlegging lijkt daarbij aangewezen. Daarnaast dient de informatie op dusdanige wijze door de zorgaanbieder zijn verstrekt dat patiënten de informatie eenvoudig kunnen vergelijken.

2. Welke informatie moet de zorgaanbieder verstrekken?

In artikel 4 van de Transparantieregeling is opgenomen welke informatie de zorgaanbieder aan de patiënt moet verstrekken. Het gaat onder meer om informatie over:

  • de te leveren prestaties
  • de voor de patiënt van belang zijnde tarieven en of die exclusief of inclusief btw zijn
  • of de te leveren prestaties Zvw- of Wlz-verzekerde zorg betreffen
  • eventuele ‘eigen betalingen'
  • datgene dat voor de patiënt van belang is om een weloverwogen keuze te maken om zorg te vergelijken en te ontvangen.

In de Toelichting op de Transparantieregeling is expliciet omschreven dat de zorgaanbieder verplicht is (op zijn website) informatie te verstrekken over een ingestelde patiëntenstop, bijvoorbeeld als gevolg van een omzetplafond. De zorgaanbieder dient aan te geven op wie de patiëntenstop betrekking heeft, wat de consequenties zijn en hij dient te verwijzen naar de afdeling zorgbemiddeling van de zorgverzekeraar. Opvallend daarbij is dat daarbij telkens is aangegeven dat het moet gaan om neutrale informatie. De NZa wil duidelijk niet dat de verzekerde deelgenoot wordt gemaakt van een conflict tussen de zorgverzekeraar en zorgaanbieder.

Over de informatievoorziening over ‘eigen betalingen’ is een aanzienlijke passage in de Toelichting op de Transparantierichtlijn gewijd. De zorgaanbieder dient de patiënt te informeren indien deze (een deel van) de kosten van de zorg zelf moet betalen en, voor zover mogelijk, te informeren over de hoogte van deze kosten. Het gaat dan bijvoorbeeld om kosten van onverzekerde zorg of de situatie dat een zorgaanbieder geen contract heeft met een zorgverzekeraar en de patiënt daardoor een lagere vergoeding krijgt. Ook op een eventuele ‘eigen bijdrage’ dient de patiënt te worden gewezen.

Tot slot dient de zorgaanbieder wachttijden inzichtelijk te maken en, bij doorverwijzing voor vervolgzorg, de patiënt zo objectief mogelijk te adviseren en te wijzen op zijn keuzevrijheid.

3. Wanneer moet de zorgaanbieder de informatie verstrekken?

De Transparantieregeling bepaalt in artikel 5 dat de bovenstaande informatie tijdig aan de consument moet worden verstrekt, dat wil zeggen: (voor zover mogelijk) vóór de levering van de zorg is gestart.

Indien de zorgaanbieder (nog) niet beschikt over de benodigde informatie om de patiënt te kunnen informeren, dient hij aan de patiënt uit te leggen wat de reden is dat hij de patiënt nog niet op passende wijze kan informeren en dient hij later – als hij de benodigde informatie wel heeft – de informatie alsnog aan de patiënt te verstrekken. Een voorbeeld is, zo is in de Toelichting beschreven, de situatie waarin de zorgaanbieder nog in onderhandeling is met de verzekeraar en dus de informatie over bijvoorbeeld de hoogte van een eventuele ‘eigen bijbetaling’ nog niet beschikbaar is.


De informatieverplichting van de zorgaanbieder geldt niet uitsluitend voorafgaand aan de zorgverlening, maar ook gedurende de zorgverlening. Indien bijvoorbeeld blijkt dat de behandeling langer duurt en/of de kosten van de zorg hoger uitvallen dan eerder aangegeven, dient de zorgaanbieder de patiënt daarover te informeren.

Tot slot moet de zorgaanbieder ervoor zorgen dat de informatie op zodanige wijze wordt verstrekt, dat de patiënt verschillende zorgaanbieders met elkaar kan vergelijken. De NZa noemt als voorbeelden onder meer duidelijkheid over btw (inclusief of exclusief), heldere informatie over wachttijden en duidelijke informatie over kwaliteitsinformatie.

4. De zorgaanbieder mag de patiënt niet ‘misleiden’

De zorgaanbieder mag de patiënt, zo bepaalt artikel 6 van de Transparantieregeling, niet misleiden, waardoor de patiënt niet in staat is tot een weloverwogen keuze te komen of een keuze maakt die hij – als hij wél zou beschikken over de juiste informatie, niet zou hebben gemaakt.

De Toelichting geeft enkele voorbeelden. Zo is het niet toegestaan om aan te geven dat de zorg door de verzekeraar vergoed wordt indien dat niet zo is en is het tevens niet toegestaan om uitspraken of garanties te doen die de zorgaanbieder niet kan onderbouwen, bijvoorbeeld dat hij de beste of enige in Nederland is die een bepaalde behandeling aanbiedt. Ook mag de zorgaanbieder geen ‘onjuiste of onvolledige’ informatie verstrekken aan de patiënt over zorgverzekeraars.

Conclusie

Het ziet ernaar uit dat de NZa met het vernieuwen van de Transparantieregeling de op zorgaanbieders rustende informatieverplichtingen heeft willen verduidelijken en aanscherpen. Meest in het oog springend zijn de informatieregels over de (hoogte van de) vergoeding en de regels over ‘misleiding’ en de verplichting om bij een patiëntenstop uitsluitend neutraal te mogen communiceren.

De Transparantieregeling bepaalt dat de zorgaanbieder de patiënt moet informeren welke kosten de patiënt zelf moet betalen en, “voor zover mogelijk”, hoe hoog deze kosten zijn. Het is de vraag in hoeverre van zorgaanbieders verwacht kan en mag worden dat zij de patiënt informeren over de precieze hoogte van de kosten die de patiënt zelf moet betalen, zeker gelet op het woud aan polissen dat verzekeraars aanbieden. Niet voor niets oordeelde de rechter in 2018 dat de primaire verantwoordelijkheid over de informatie over de vergoeding van zorg ligt bij de verzekeraar en de patiënt, en niet bij de zorgaanbieder. De NZa lijkt in de nieuwe regeling echter meer van de zorgaanbieder te verwachten, maar waar de grens precies ligt is niet duidelijk. Het lijkt er wel op dat de zorgaanbieder – bijvoorbeeld indien hij met de betreffende verzekeraar geen overeenkomst heeft – nog steeds kan volstaan met aangeven dat slechts aanspraak bestaat op een gedeeltelijke vergoeding en dat een zorgaanbieder niet in detail hoeft uit te spitten welk bedrag exact bij welke polis vergoed wordt. Dat zou ook ondoenlijk zijn.

Op welke wijze de NZa zal omgaan met de regels over ‘misleiding’, is niet duidelijk. Het zal elke zorgaanbieder duidelijk zijn dat de voorbeelden die de NZa geeft – zoals de patiënt ten onrechte informeren dat de zorg wordt vergoed vanuit de basisverzekering – niet zijn toegestaan. Maar wat is precies ‘onjuiste of onvolledige informatie’ over zorgverzekeraars? Daar zullen de meningen, zeker tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars, over verdeeld zijn, bijvoorbeeld indien er een geschil is tussen de zorgverzekeraar en de zorgaanbieder of bepaalde zorg wel of niet voor vergoeding in aanmerking komt. Concluderend is de verwachting dat over deze informatieverplichtingen nog niet het laatste woord gezegd zal zijn.

Meer informatie



Bron: Eldermans-Geerts

Deel via:

  • Facebook
  • Twitter
  • E-mail

Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen

Beroepsorganisatie van en voor verloskundigen

Word lid