KNOV Winkelmandje (0) Menu

​Verandering organisatie verloskundige zorg vraagt om goede onderbouwing

10 maart 2014

De laatste jaren zijn er stevige discussies gevoerd over wat de beste organisatie voor de verloskundige zorg in Nederland kan zijn vanuit het perspectief van de zwangere. Er zijn verschillen van inzicht en verschillende interpretaties van onderzoek en/of redenering.

Daarom bepleit de KNOV voor een goed opgezet onderzoek waarin meerdere organisatiemodellen waar o.a. verschillen in verantwoordelijkheden worden getoetst op heldere criteria. Op basis van dergelijk onderzoek - dat inhoud, modelkeuze en bekostiging bevat – kunnen we onderbouwde keuzes maken voor de organisatie van onze verloskundige zorg.

​Vertrouwen in de verloskundige

De KNOV stelt vast dat de zwangere veel vertrouwen heeft in de kwaliteit van de zorg. Vooral heeft de zwangere vrouw veel vertrouwen in haar eigen verloskundige die als medisch professional de zwangere en haar partner adviseert, begeleidt en medische risico’s bewaakt. De verloskundig zorgverlener die als spin in het web samenwerkt met alle relevante partners in de verloskundige keten en die als geen ander inschat wanneer er noodzaak is om de zorg op te schalen en andere expertises in te schakelen.

​Betere samenwerking met als doel daling sterftecijfers

De kern van de discussie ligt op het terugdringen van de sterftecijfers. Hierbij ligt de focus op de samenwerking tussen verloskundigen en gynaecologen. De vraag is of en hoe andere vormen van samenwerking verbetering in de cijfers kunnen brengen. In deze discussie lopen de emoties soms op. Vooral als er vanuit ongeduld, domeindenken of oprechte overtuiging causale verbanden worden bepleit die wetenschappelijk gezien niet zijn onderbouwd.

Verloskundigen werken samen met de keten hard aan om elke vermijdbare sterfte te voorkomen. Nederland doet het steeds beter. Mortaliteit en morbiditeit lopen terug, in tien jaar tijd substantieel voor bijvoorbeeld de groep > 27 weken met 39%. Meer alertheid van alle betrokkenen ( zwangeren en professionals) tussen maar vooral ook binnen de verschillende ketensectoren, heeft hieraan bijgedragen. Dat is reden om veranderingen door te voeren op basis van gedegen onderzoek en te voorkomen dat er achteraf de situatie ontstaat: “Hadden we maar”. Uiteraard blijft het noodzakelijk om verder te zoeken naar verbetering, ook in de samenwerking.

​Bij de verloskundige als het kan, bij de gynaecoloog als het moet

In steeds meer internationaal onderzoek wordt onderkend dat het Nederlandse systeem waardevol is omdat het in potentie invulling geeft aan integrale zorg gemeten langs de lat: de juiste zorg, op het juiste moment door de juiste zorgprofessional. Hierin zitten alle relevante elementen: kwaliteit, tevreden cliënten en doelmatigheid. Het voorkomt onnodig medicaliseren, onnodige sterfte, onnodige ingrepen en in het verlengde daarvan onnodige zorgkosten. Ank de Jonge, onderzoeker midwifery science, komt op basis van uitvoerige analyse tot de volgende conclusie:

"Gynaecologen en verloskundigen moeten gezamenlijk optreden vanuit één keten en daarin optimale kwaliteit van zorg leveren die tevens doelmatig is. Daarvoor is het nodig dat de verloskundige verantwoordelijk is waar het kan en dat deze de expertise van de gynaecoloog inroept waar het moet".

Deel via:

  • Facebook
  • Twitter
  • Twitter
  • E-mail

Reacties

Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen

Beroepsorganisatie van en voor verloskundigen

Word lid

Contact

Bel 088 888 39 99 of mail info@knov.nl

Bereikbaar van ma t/m vrij 9.00-17.00 uur