KNOV
“Het mooie van het vak verloskunde is dat je een belangrijke gast bent bij een groots, intiem gebeuren.”
Contacten met andere zorgverleners
Als verloskundige speel je een sleutelrol in de hele periode rondom zwangerschap en geboorte. Je hebt te maken met uiteenlopende vragen van haar cliënten. Daarom heb je contact met veel andere (medische) beroepsbeoefenaren.
Bij een normaal verlopende zwangerschap kun je contact hebben met de huisarts, het consultatiebureau, de thuiszorg, het gezondheidscentrum, de diëtist(e), de fysiotherapeut en de kraamverzorgende.
Als er sprake is van een medische indicatie, dan heb je contact met degenen die de zorg hebben overgenomen: de gynaecoloog, de kinderarts, de verpleegkundige afdeling, de kraamafdeling of de intensive care.
De voornaamste schakels in de verloskundige zorgketen zijn huisartsen, gynaecologen, kraamverzorgenden, kinderartsen en lactatiekundigen. Na de kraamperiode draagt je de zorg voor de moeder over aan de huisarts en de zorg voor het kind aan de jeugdgezondheidszorg.
De huisarts
Er zijn steeds minder huisartsen die zwangerschap en bevalling begeleiden. Tussen 1995 en 1998 is hun aantal bijna gehalveerd en in 2002 waren er nog 465 huisartsen 'verloskundig actief’, zoals dat wordt genoemd. Dit is 6 procent van alle huisartsen. De verloskundige verwijst een zwangere vrouw naar de huisarts met bijvoorbeeld klachten als blaasontsteking en schimmelinfecties.
De huisartsen zijn verenigd in de Landelijke Huisartsen Vereniging en in het Nederlands Huisartsen Genootschap. Huisartsen die wel de hele zwangerschap en bevalling begeleiden, zijn verenigd in de Vereniging van Verloskundig Actieve Huisartsen (VVAH). Informatie over de VVAH staat op de site van de Landelijke Huisartsen Vereniging.
De gynaecoloog
Gynaecologen begeleiden en controleren vrouwen bij wie er zich tijdens de zwangerschap of de bevalling problemen voordoen of die daar kans op hebben. Wanneer het probleem over is, verwijst hij de zwangere vrouw terug naar de eerstelijns verloskundige. Een bevalling onder leiding van een gynaecoloog vindt altijd in het ziekenhuis plaats . Na de bevalling gaan de meeste vrouwen weer naar huis, waar ze verder worden begeleid door de verloskundige en de kraamverzorgende.
De gynaecologen zijn verenigd in de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG).
De kraamverzorgende
De kraamverzorgende assisteert de verloskundige of huisarts bij bevallingen thuis en verzorgt moeder en kind na de bevalling. De kraamverzorgende kan eventueel op indicatie van de verloskundige en in overleg met de cliënt eerder ingezet worden bij de bevalling. Verder vervult ze de volgende taken:
- ze geeft voorlichting en beantwoordt vragen;
- ze signaleert mogelijke problemen en waarschuwt zo nodig de verloskundige of huisarts.
Kraamzorg wordt thuis, geboortecentra en poliklinische bevallingen gegeven. Als een vrouw om medische redenen in het ziekenhuis moet blijven, kan daar de zorg na de bevalling door een verpleegkundige worden gegeven.
Organisaties voor kraamverzorgenden zijn:
- Sting, een beroepsvereniging die zich inzet voor de belangen van verzorgenden en helpenden in onder andere de thuiszorg en de kraamzorg;
- ActiZ (organisatie voor zorgondernemers), Branchebelang Thuiszorg Nederland (BTN) en NBvK (Beroepsvereniging voor de Kraamzorg) organisaties waarvan zorgaanbieders in de thuis- en kraamzorg lid kunnen worden.
De kinderarts
Kinderartsen leveren neonatale zorg, dat wil zeggen: zorg voor de pasgeborene. Zorg door een kinderarts is alleen nodig als er iets aan de hand is met de baby. Een kinderarts kan worden ingeschakeld door een gynaecoloog, maar ook door een verloskundige. Bij bevallingen waar er risico’s zijn voor het kind is vaak een kinderarts aanwezig. De kinderartsen zijn aangesloten bij de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde.
De lactatiekundige
Als de baby geboren is, stimuleert de verloskundige het contact tussen moeder en kind. Vrouwen die borstvoeding willen geven, helpen de verloskundige en de kraamverzorgende op weg. De verloskundige ziet de eerste week na de bevalling erop toe dat de borstvoeding goed verloopt. Hierbij werkt zij nauw samen met de kraamverzorgende. Bij problemen of specifieke zorg (de baby ‘hapt’ bijvoorbeeld niet goed) zal de verloskundige de voedende moeder doorverwijzen naar een lactatiekundige.
De lactatiekundigen zijn verenigd in de Nederlandse Vereniging van Lactatiekundigen (NVL).
De jeugdgezondheidszorg
De (preventieve) jeugdgezondheidszorg richt zich op alle jeugdigen van 0-19 jaar. De zorg voor kinderen van 0-4 jaar is in handen van de consultatiebureaus van de thuiszorginstellingen, die voor jeugdigen van 4-19 jaar wordt geleverd door de GGD’en. Beide organisaties werken samen om de ontwikkeling van jeugdigen continu te kunnen volgen en begeleiden. De gemeenten hebben de regie over de geozndheidszorg.
Uit onderzoek wordt steeds meer duidelijk dat er in de zwangerschap en zelfs al daarvoor factoren aanwezig zijn die van invloed kunnen zijn op het welzijn van de moeder en de groei en ontwikkeling van het (ongeboren) kind. De jeugdgezondheidszorg zal daarom in toenemende mate samenwerking zoeken met professionals en organisaties die zich richten op het welzijn van moeder en kind voor de bevalling.
Het Platform Jeugdgezondheidszorg is eind 2002 opgericht om de kwaliteit van de jeugdgezondheidszorg te bewaken en bevorderen. De taken van het platform zijn per 1 januari 2006 overgedragen naar het Centrum Jeugdgezondheid van het Rijks Instituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Per 1 oktober 2010 is het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ), de rechtsopvolger van het RIVM/Centrum Jeugdgezondheid, gestart. De website van NCJ bevat informatie over beleid en uitvoering van de jeugdgezondheidszorg en bevat nuttige links naar andere organisaties werkzaam op dit gebied.
EXTERNAL LINKS
- Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV)
- Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG)
- Verloskundig Actieve Huisartsen (VVAH)
- Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG)
- Sting, landelijke beroepsvereniging verzorging en zorgprojecten
- Branchebelang Thuiszorg Nederland (BTN)
- NBvK (Beroepsvereniging voor de Kraamzorg)
- ActiZ, organisatie van zorgondernemers
- Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK)
- Nederlandse Vereniging van Lactatiekundigen (NVL)
- Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ)