KNOV
“Een bevalling is als het beklimmen van een berg. Onderweg is het zwaar maar op de top is het geweldig.”
Onderzoek van de pasgeborene
LESA-V
De KNOV en de NHG hebben in 2008 samen een Landelijke Eerstelijns Samenwerkings Afspraak-Verloskunde (LESA-V) over het onderwerp 'Onderzoek van de pasgeborene' ontwikkeld.
Deze LESA beschrijft de inhoud van het routinematig onderzoek van de pasgeborene direct postpartum. Ook beschrijft de LESA hoe de samenwerking tussen huisartsen en verloskundigen verbeterd kan worden met betrekking tot het onderzoek van de pasgeborene direct postpartum. Tot slot zitten in de LESA aandachtspunten voor regionale bespreking, zowel binnen de eerste lijn en de JGZ, als de tweede lijn.
De LESA-V (zie onderaan de pagina) is gebaseerd op de NHG-standaard 'Onderzoek pasgeborene' en de protocollen over het onderzoek van de pasgeborene van de verloskundige opleidingen in Maastricht en Rotterdam.
Korte informatie over de NHG-Standaard (december 2001)
De NHG-standaard 'Onderzoek van de pasgeborene’ doet uitspraken over twee onderwerpen:
- De standaard geeft voor de verloskundig actieve huisarts richtlijnen voor het routinematig onderzoek van de pasgeborene direct post partum. Deze richtlijnen komen in grote mate overeen met de manier waarop de verloskundige opleidingen dit onderzoek overdragen aan student-verloskundigen
- De standaard geeft aan dat een tweede routine-onderzoek van de pasgeborene door de huisarts géén meerwaarde heeft, mits het eerste onderzoek, direct post partum, goed is uitgevoerd. Dit tweede routine-onderzoek voerden huisartsen uit conform hun eigen Basistakenpakket.
De conclusie van de standaard luidt dat het standaardbezoek van de (niet-verloskundig actieve huisarts) tijdens een kraambed dat begeleid wordt door een verloskundige, alleen een sociale functie heeft. Alleen bij specifieke bevindingen van verloskundigen, ouders of kraamverzorgster, zal de huisarts lichamelijk onderzoek uitvoeren.